Ik heb een tijdmachine, ja
januari 6th, 2011 § Geef een reactie
Ik ben nu zo’n 6 dagen te laat ongeveer, maar dat kan mij niet zoveel schelen, want stiekem heb ik gewoon een tijdmachine. Ook geen tijd op oudjaarsdag voor dit overigens. En niet alleen dat, sterker nog, voor de Koptische Kerk, daar waar nu die aanslagdreigingsdingetjes zijn, hebben op 7 januari pas nieuwjaarsdag, wat betekent dat het nu oudjaarsdag is. Ruim optijd hiermee dus. De enige reden waarom ik dit overigens weet is dat er een niet nader te noemen persoon daar nu staat te filmen en volgensmij doodsangsten uitstaat. Maar ach.
Maargoed, niet afdwalen nu. Focus, Marle, focus. Mijn punt is dus dat het zo onderhand alweer 6 januari is en ik nog geen befaamd en clichématig jaaroverzicht van 2010 heb gemaakt. Bij deze zal ik dat doen, maar dan wel op mijn manier. Hoe dan? Dat zal ik je vertellen, door elke zin te beginnen met ‘een jaar geleden’. Eens even kijken of dit gaat werken.
Een jaar geleden was ik zo rond deze tijd verliefd op een niet nader te noemen manpersoon, zonder die persoon ooit maar gezien te hebben, wel één keer anderhalfuur gebeld. Dat die niet nader te noemen persoon dan 6 jaar ouder was, en nog steeds is, dat maakt mij niks uit en zal mij waarschijnlijk ook nooit uitmaken. Iets met leeftijd en relativiteit enzo. En ook al zijn die liefdesgevoelens afgezwakt, ik heb er zeker geen spijt van. Zal ik ook nooit hebben.
Een jaar geleden had ik nu ongeveer mijn eerste honkbaltraining erop zitten, niet wetende dat ik in volgorde een blauw oog zou oplopen door een bal tegen, ja doh, mijn oog. Vervolgens mijn armpeesding te overrekken, iets aan mijn been te krijgen, mijn pols te kneuzen en om als klap op de vuurpijl een honkbalmattie van mij verliezen doordat een bus over hem heenreed. Mohombi – Bumpy Ride draaiende op die crematie van hem. Toverde toch wel een klein glimlachje op mijn gezicht, ja. Maar ach, ik heb mijn sport gevonden, al zal mijn voorliefde voor ijshockey en basketbal altijd blijven bestaan. Schaatsen ook overigens.
Een jaar geleden riep ik nog dat ik Geneeskunde wilde studeren. Ik? Geneeskunde? Er mag geproest worden, aangezien de kans dat ik meer mensen lekprik, perongeluk benen amputeer, of de verkeerde botten breek, redelijk groot is als je het mij vraagt. Om nog maar niet te spreken over spuiten met de verkeerde vloeistof te vullen of iets dergelijks. Geneeskunde, dat gaat hem niet worden nee. Eerder iets met scheikunde, of kunstmatige intelligentie. In ieder geval iets dus waar ik geen mensen mee kan doden, al dan niet opzettelijk.
Een jaar geleden was ik nog nooit op Pinkpop geweest, terwijl ik er nota bene nog geen 20 minuten vanaf woon. Hoe slecht ben je dan. Al is het na 15 jaar zéker het wachten en al die verhalen van andere mensen aanhoren waard. Het. Was. Fukking. Awesome. Hell yeah. Dit jaar ga ik 3 dagen, maar niet op de pinkpop camping ‘slapen’, nee. Ik maak mijn eigen camping. Camping Marle wel te verstaan.
Een jaar geleden was ik nog nooit dronken geweest, laat staan dat ik ooit een druppel alcohol had aangeraakt. Voor alles is een eerste keer, zullen we maar zeggen. Behalve voor roken, want daar gaan je kleren en je hele huis van stinken. Houd ik niet zo van.
Een jaar geleden had ik het vooroordeel dat die, no offence voor de ‘normale’ mensen, er allemaal paupers daar rondlopen. Uitzonderingen daargelaten natuurlijk. Maar mijn grootste vooroordeel gaat toch over die vrouwelijke menspersonen die er op dat vmbo rondlopen. Volgeplamuurde gezichten, waterstofgeperoxideerde haren, blackberry hebbende, op uggs lopende, aandacht trekkende, zielig doende, tongpiercing hebbende, bree.. euh, rosébier zuipende, zonnebril stelende, in Oiste.. Oh, pardon. Nu word ik toch nét iets te specifiek. Die make-upsnolletjes, die zijn niet te vertrouwen. Voor. Geen. Ene. Meter. Afgezien van die snolletjes die honkballen, want honkballen is een dikke vette +1.
Een jaar geleden was ik nog nooit naar een kerstgala geweest, had ik nog nooit vrijwillig een jurkje aangehad. Net als hakken overigens. Leuk gala, daar niet van. Maar. O. Mijn. God. Wat doen hakken toch pijn aan je voeten. Diep respect voor de vrouwen die op naaldhakken lopen.
And, last but not least. Een jaar geleden wist ik niet wat het was om constant bij iemand te willen zijn, omdat het zo verdomd goed voelt. Iemand al het moment na afscheid nemen te missen. Om om iemand keihard te kunnen janken, terwijl ik normaal nooit huil, niet alleen van pure ellendigheid, maar ook van gelukkigheid. Ook al heeft het allemaal nogal veel moeite en gezeik gekost.
Maar genoeg van dat emotionele gezever en clichématige terugblikken, ”allesch isch goet zoalsch het noe isch.” Zou mevrouw Roeschland van Natuurkunde kunnen zeggen. Isch njet moeilijk joh, dat Natoerkund.